Buurtschap: Confectie op maat
Wie : Toneelgezelschap ‘t Buurtschap
Wat : Familie Bruinsma in de Bocht: De Straatprijs van Carl Slotboom
Waar : Buurtschapshuis Sinderen
Wanneer : 30 augustus 2023
Regie : Jeanine Vreeman
Carl Slotboom is een veelschrijver die zijn stukken niet alleen in Nederland maar ook in België, Duitsland, Oostenrijk en Engeland aan de man weet te brengen. In Nederland is zijn serie over de familie Bruinsma erg populair bij amateurverenigingen. Eens in de zoveel tijd kom je deze familie Flodder van het amateurtoneel wel ergens tegen.
Het succes van de serie, nu al 9 stukken lang, is te danken aan de bekendheid met de personages, de a-sociale setting -waarbinnen dingen kunnen worden gezegd en gedaan die moreel nogal verwerpelijk zijn- en het stramien waarin de stukken geschreven zijn. Spelers kunnen, kort gezegd, lekker losgaan in over-acting en onlogica. Als je al 9 afleveringen van zo’n serie hebt geschreven, dan is er sprake van confectie: massaproductie in standaardmaten. De kunst is dan -als je als vereniging voor zo’n stuk kiest- om er iets eigens aan toe te voegen zodat het geheel toch voelt als op-maat-gemaakt. En dat gebeurde gisteravond volop bij ‘t Buurtschap in Sinderen.
Ik heb al eerder benoemd dat de spelers van ‘t Buurtschap hun vak verstaan. Als er vormgegeven moet worden aan over-de-top-personages dan weten de Buurtschappers wel hoe dat moet. Overigens, dat weten ze ook als er serieuze rollen moeten worden vormgegeven. En dat maakt het elke keer zo fijn om naar Sinderen af te reizen en daar een stuk te gaan zien. Want door de variatie aan stijlen van stukken weet ‘t Buurtschap een groot publiek aan zich te binden. De liefde voor het vak is altijd zichtbaar en voelbaar. ‘t Buurtschap neemt theater serieus.
Én... ‘t Buurtschap heeft in de persoon van Richard Klompenhouwer een uitzonderlijke kwaliteit in huis als het gaat om de kapsels en pruiken, de grime en de kleding! De personages op het toneel zien er altijd fantastisch uit.
Na de voorstelling had ik het genoegen nog even na te mogen praten met een deel van de groep en een onderwerp van gesprek was de gedetailleerdheid van het decor (dat nogal extreem gedetailleerd was). Ik hoorde dat de spelers daar zelf voor verantwoordelijk waren en dat ze na iedere repetitie samen naar het decor keken -biertje erbij- alleen maar kijken en aanwijzen wat er nog ontbrak. Welke details er nog aangebracht konden worden die, ongeacht of het publiek die zou opmerken, het spelplezier in ieder geval zouden vergroten. Al had ik heel wat van die details ontdekt, er waren er mij toch nogal een aantal ontgaan, wat het plezier van de spelers nog meer vergrootte. Achteraf was ik blij dat ik een aantal foto’s van het decor alleen had gemaakt. Dan kon ik het thuis nog eens nakijken. Ik ieder geval kan ik iedereen aanraden om de inhoud van de koelkast te bekijken wanneer die weer eens open gaat om een biertje te pakken.
De première gisteren was behoorlijk sterk. Alle personages stonden stevig in hun schoenen en dat was nodig ook, gezien hun soms onlogische aanwezigheid in het geheel. Je moet als acteur dan niet te veel nadenken over wat je daar in hemelsnaam komt doen: de schrijver heeft gezegd dat je er moet zijn dus je bent er maar. Doe je ding! En dat deden ze. Vader Johnny Bruinsma kreeg het niet makkelijk met een rol die de facto niets bijdroeg aan de hoofdlijn van het verhaal, maar Johnny Wildenbeest -onderhand gepokt en gemazeld- liet zich door niets uit het veld slaan. Udo Klompenhouwer, en dan mag je ook van hem verwachten, gaf zo gemakkelijk vorm aan hoofdpersonage Wesely Bruinsma, dat je helemaal vergat hoe hij er ook alweer in het echt uitzag. Maar hoogtepunt van de familie was natuurlijk Monique Breuer als Moeder Bruinsma, die met alle sulligheid die die rol vereist uiteindelijk het hele publiek op haar hand kreeg.
Daaromheen weefde Carl Slotboom een optocht van bizarre personages die om even bizarre redenen in huize Bruinsma moesten verblijven. Maar bizar of niet, ze werden één-voor-één geloofwaardige mensen door de stellige performance van de acteurs. En dat maakte de avond -ook al zag je ontknoping al voor de aanvang van het derde bedrijf aankomen- toch tot een heerlijk kijkspel waarbij je steeds het idee had dat je naar maatwerk zat te kijken.
Om af te sluiten met dat speciale Sinderens kleurtje: Het stuk werd gespeeld als opening van het Sinderens Feest. De traditie aldaar vraagt om te beginnen met het Volkslied, want het Sinderens Feest is een Oranjefeest. En met het bestuur voor het podium, het publiek staand met de hand op het hart, zong de hele zaal het Wilhelmus. Gegeneerd dat wel, maar eenmaal gezongen, iets meer verenigd.